Posted in July 2010

ICT onmisbaar bij succesvolle Dam tot Damloop

Dam tot damIn Nederland lopen 4 miljoen mensen hard. Er zijn 35.000 startnummers voor de Dam tot Damloop beschikbaar. Minder dan 1% kan dus meelopen… Het resultaat? Binnen 2 uur zijn alle startbewijzen uitverkocht. ICT is bij dit proces onmisbaar. En ook bij de verwerking van de looptijden speelt ICT een grote rol. De Dam tot Damloop wordt georganiseerd door Le Champion. Directeur Simone Richardson legt uit hoe de organisatie omgaat met het enorme succes van de Dam tot Damloop en welke rol ICT hierbij speelt.

De tweede loopgolf5 klein

Waar komen al die mensen vandaan? De zogenaamde ‘tweede loopgolf’ wordt volgens het onderzoek van het Mulier Instituut (in opdracht van de Atletiekunie) met name gevoed door de grote loopevenementen zoals de Dam tot Damloop, marathons van Amsterdam en Rotterdam, Tilburg Ten Miles enzovoort. Met andere woorden: een hoop nieuwe hardlopers worden door de grote loopevenementen gestimuleerd om mee te doen. Het geeft een doel om voor te trainen.

Wat opvalt is dat de mensen, ondanks het massale karakter, de sfeer enorm waarderen bij het loopevenement. Het gaat echt om de beleving, zoals Joseph Pine al beschreef in de Experience Economy. De grote groep mensen, zowel langs de kant die aanmoedigen, als de lopers, worden juist beschreven als sfeerverhogend.

Op de vraag of het nog groter kan, is Simone duidelijk: “We zouden graag willen, maar eigenlijk kunnen we in de huidige opzet qua hoeveelheid lopers moeilijk nog groeien. De Dam tot Damloop gaat door de IJtunnel. Om 7 uur ’s ochtends sluiten we deze belangrijke verkeersader af en deze blijft tot de laatste startgroep van 5 uur afgesloten, net zoals de rest van de route. Daarnaast gaat het parkoers door Amsterdam Noord en moeten 35.000 mensen door straten en over fietspaden die op sommige plekken niet veel breder zijn dan 3 meter. We starten al in startgroepen, zonder dit gefaseerd starten zou het een grote chaos worden, waarbij ongelukken niet uitgesloten zijn.”

Geen Dam tfinishbeeld kleinot Damloop zonder ICT

De Dam tot Damloop is onmogelijk zonder ICT. Zoals gezegd, dit jaar was het evenement al binnen 2 uur uitverkocht, iets wat bij Le Champion toch ook voor enige spanning zorgt. Zullen de servers in de lucht blijven? De drukte begint eigenlijk 1 of 2 weken voor de inschrijvingsdatum van 1 april en duurt tot een week erna. Ook is er grote drukte rond de datum van de Dam tot Damloop. Rondom 1 april kijken er gemiddeld 28.500 mensen per dag op de site, rondom de loop 40.000 mensen. Terwijl er gemiddeld dagelijks 350 mensen de site bezoeken.

Ook bij de verwerking van de tussentijden en finishtijden speelt ICT, en met name de ChampionChip op de schoenen van de lopers, een belangrijke rol. “Handmatige verwerking, bijvoorbeeld handmatig scannen, werkt niet”, vertelt Simone. “Mensen komen over de finish en moeten direct het finishgebied weer uit, omdat de stroom mensen gewoon doorgaat. In principe zijn de finishtijden dan al beschikbaar, maar moeten de lopers wachten tot iedereen binnen is om de uitslagenlijst vast te stellen.”

Niet alles is 100% geautomatiseerd: de foto’s en video die worden gemaakt, worden later pas gepubliceerd. Wel worden de foto’s en video’s gekoppeld aan de tijden van de chip, zodat je aan de hand van jouw naw-gegevens en startnummer de beelden kan downloaden die gemaakt zijn op de route.

Damloop 2 klein

Dam tot Damloop is innovatief

“Ieder jaar willen we bij de Dam tot Damloop een of meerdere innovaties hebben. Dat kan een innovatie zijn op het gebied van het proces, de beleving onderweg of, zoals dit jaar, de mogelijkheid om een ‘persoonlijke’ medaille te krijgen met je eigen naam en tijd erop, in plaats van de medaille die iedereen krijgt”, aldus Simone. Bij inschrijving voor de Damloop konden lopers hiervoor kiezen. Volgens Simone hebben 4.000 mensen deze extra service besteld.

De enige voorwaarde die de organisatie van de Dam tot Damloop aan de innovaties stelt is: het moet de eerste keer zijn dat de innovatie wordt geïntroduceerd in Nederland, liefst ook ter wereld. “Een paar jaar geleden had Nike uitgepakt met een tunnel met muziek, waar de lopers doorheen gingen. Dat was erg uniek, er wordt nu nog over gesproken.”

Wie is het snelste?

Hardlopers zijn gek op meten en gemeten worden. Als hoeveelste ben ik geëindigd bij de recreatielopers? En hoeveelste ben ik van mijn woonplaats? De uitslagen van de Dam tot Damloop geven al een hoop informatie, bijvoorbeeld de snelheid en tijd per 5 kilometer en de positie ten opzichte van alle lopers.

d2d overviewLe Champion heeft vanaf 2003 de uitslagen van de lopen digitaal en online staan. Het is niet mogelijk om al deze tijden en gegevens in 1 overzicht te laten zien, zodat je bijvoorbeeld de ontwikkeling van de door jou gelopen tijden kunt zien.

“Het zou heel mooi zijn om meer met deze uitslagen te doen en bijvoorbeeld een applicatie te hebben waarbij je jouw uitslagen over de jaren kunt zien of bijvoorbeeld vergelijken met andere lopers”, zegt Simone. “Een van de uitdagingen is hierbij het privacy aspect: wat kan je wel en niet beschikbaar stellen? We hebben natuurlijk een schat aan gegevens van de lopers, ook van de andere lopen die we organiseren zoals de PWN Egmond Halve Marathon en de Amsterdam Marathon.”

Komt er een D2D app?

“De ontwikkeling van een applicatie om de hardloopdata te ontsluiten, is niet primair een activiteit voor Le Champion. Maar we zouden wel via API’s toegang tot de data kunnen geven, zodat andere mensen een dergelijke applicatie kunnen ontwikkelen. Wat dat betreft ziet Le Champion dit als een mooie uitdaging voor de hardloop community, in het bijzonder voor degenen die apps kunnen ontwikkelen kunnen. Iedereen die een goed idee heeft kan dit bij ons melden.”

Op dit moment zijn de data die worden verzameld tijdens de Dam tot Damloop beperkt tot de gegevens van de matten waar de lopers met de ChampionChips overheen lopen op 5, 10 en 15 kilometer en de finish. Al enkele jaren kan je als thuisblijver een sms ontvangen wanneer de loper over een van de matten gaat, zodat je weet waar hij of zij op het parkoers is. Applicaties als Mapmyrun op de iPhone zijn in staat om veel meer informatie te verzamelen en zelfs exact te laten zien waar iemand op het parkoers is. “Dat is de toekomst”, zegt Simone. “We zijn aan het kijken of wij een soortgelijke applicatie kunnen ontwikkelen om dit jaar al beschikbaar te stellen.”

Een virtuele Dam tot Damloop?

Op de vraag of de Damloop ook virtueel zou kunnen worden gelopen, zoals de New York Marathon dit jaar doet, is Simone duidelijk: “Voor de Dam tot Damloop zie ik dat niet gebeuren. Het is zo’n bijzonder event, waarbij het meer dan bij andere hardloopwedstrijden een belevenis is om er echt bij te zijn”.

Hardlopers vormen een sociaal netwerk

Alle deelnemers (en oud deelnemers) van de Dam tot Damloop vormen een sociaal netwerk. Le Champion zet op dit moment al sociale netwerken zoals Hyves (2400 volgers), LinkedIn (70 volgers) en Twitter (240 volgers) in. “Maar we zouden er meer mee kunnen doen. We werken aan een social media strategie om de Dam tot Dam loop, maar ook de andere lopen die we organiseren beter te ondersteunen. Met een goede strategie kan veel meer uit social media worden gehaald: er kan een echte community van worden gemaakt. Een community die ook een commerciële waarde heeft.”

Hardlopers komen gemiddeld 2 keer op de Dam tot Dam website: vooraf om zich in te schrijven en achteraf om de uitslagen te lezen. Hoe kan je deze groep aan je binden? Daar moet toch meer in zitten! Voor Le Champion, een stichting, is de commerciële waarde niet zo belangrijk. Het is tenslotte geen commercieel bedrijf. “Als we uit de community waarde zouden kunnen ontwikkelen, dan geven we dit op de een of andere manier weer terug aan de lopers, bijvoorbeeld door meer entertainment onderweg of iets dergelijks. We willen de beleving van de Dam tot Dam loop nog beter maken.”

Innovatie en orginaliteit – contradictio in terminis?

6124-000633Het is een ongewone titel voor mijn doen; normaal verdedig ik innovatie met verve. Maar steeds meer bekruipt me het gevoel dat we soms iets missen bij veel vernieuwing: orginaliteit. Ik zie erg veel ‘meer van hetzelfde’.

De aanleiding voor dit artikel was Mirrors Edge, wat ik zat te spelen op de PC. Dit is een game die een een paar maanden geleden is uitgebracht door Electronic Arts. Het is een uitermate origineel spel waarbij er eens niet van alles moet worden neergeschoten, maar waarbij rennend een parcours moet worden afgelegd (free running) terwijl de politie op je hielen zit. Je kunt de politie soms ontwijken of er voor kiezen om ze te ontwapenen en vervolgens met dat pistool of geweer zelf te schieten.

[youtube]http://www.youtube.com/watch?v=2N1TJP1cxmo[/youtube]

Een verfrissende gameplay ten opzichte van de zoveelste firstperson shooter waarbij je Duitsers, zombies of Duitse zombies moet neerschieten.

Het spel is van Electronic Arts, de grootste uitgever van games met een omzet van meer dan 3,65 miljard dollar.  Het merendeel van Electronic Arts titels zijn langlopende series zoals Fifa, Tiger Woods Golf en natuurlijk ook de Sims en Harry Potter. Veel van de sporttitels komen ieder jaar met een nieuwe versie zoals Fifa 2009, wat een incrementele verbetering is ten opzichte van de vorige versie. Een aantal titels (o.a. Fifa, Madden, NHL en de Sims)  hebben zo over de jaren al meer dan een miljard dollar opgebracht!

Niet wedden op onzekere paarden

ea-logo-150x150Maar Electronic Arts is een beursgenoteerde onderneming die niet zit te wachten op (al te veel) titels waarvan de verkoop eventueel tegen zou vallen. Zeker niet als dat een titel is die ze zelf ontwikkelen. De kosten voor de ontwikkeling van een game zijn hoog, vaak in de tientallen miljoenen voor een grote titel. Daarbij komen dan nog de marketingkosten en distributiekosten. Al met al redenen om niet al te veel te wedden op een titel die misschien wel niet gaat lopen. Zodra een game is uitgebracht moet het geld verdiend worden. Daarna wordt een spel al gauw afgeprijsd om uiteindelijk voor een paar euro in de ramsjbakken te verdwijnen.

De concurrentie, hoe beperkt deze ook is (in aantallen bedrijven) ziet een succesvolle titel met lede ogen aan en komt altijd snel met een soortgelijke titel: denk aan Guitar Hero vs. Rock Band.

Goedlopende games krijgen dan al gauw een vervolg, iets wat je ook ziet in de filmindustrie (Rocky 1,2,3 etc). Onafhankelijke studio’s ontwikkelen natuurlijk ook games. Zij hebben daarbij niet de erfenis van grote bedrijven als EA (zoals een bestaande franchise als Harry Potter of Fifa) en kunnen daarom wel innovatieve games ontwikkelen. Maar de distributie is een probleem. Veel games worden nog steeds via winkels en het internet verkocht. Online distributie groeit wel, maar blijft nog steeds klein ten opzichte van boxed sales. Dan is het vaak makkelijk om toch via EA de distributie te regelen.

En toen kwam de Wii

Op console-gebied is de Wii de grootste innovatie van de laatste tijd. Dat heeft zich heel duidelijk in de verkoopcijfers van Nintendo gemanifesteerd. Op de site van VGChartz kun je allerlei verkoopdata tegen over elkaar zetten. Wii’s innovatieve interface heeft, ondanks de mindere grafische kwaliteiten van de Wii, heel goed verkocht. Het aspect van bewegen en een computergame bleek een goede zet. Ik ken mensen die kun kinderen niet achter een console willen hebben, maar bij de Wii? Ach, dan bewegen ze tenminste nog en dan mag het wel.

De innovatie van Wii heeft heel duidelijk zijn vruchten afgeworpen.

vgchartz(Microsoft zit trouwens ook niet stil met de XBOX 360 en project Natal. Waar de Wii nog een controller nodig heeft doet Project Natal het zonder).

Creatieve armoe

big brother logoWaar de creatieve armoede ook heel duidelijk zichtbaar is, is bij de commerciële omroepen. Eigenlijk geldt voor hen hetzelfde wat voor EA geldt: ze willen succesvolle programma’s. Slaat een programma aan bij de ene zender, dan komt er binnen no time een andere zender met een soort gelijk programma. Big Brother was succesvol, daar kwam De Bus. Dancing with the Stars en Sterren dansen op het ijs (en Kinderen van sterren dansen op het ijs). Verbouwen en verhuizen idem dito. En laat staan Idols, X Factor, Holland’s got talent en andere shows op dit gebied. Hoeveel talentenshow kan een land hebben? Het lijkt allemaal op elkaar. Prachtig als je het leuk vindt, maar verschrikkelijk voor de rest.

Laat verwachtingen los

De publieke omroepen hebben hier gelukkig minder last van, zo op het eerste gezicht. Bij veel programma’s wordt samengewerkt (Nova, Netwerk), en door de signatuur van de omroepen zit er toch nog wel een verschil tussen de programma’s. Althans, dit is mijn gevoel. Maar ook hier wordt natuurlijk gezocht naar succesvolle formats.

Het zou wel eens leuk zijn om een gewoon zestal concepten te bedenken, van ieder een drietal uitzendingen te maken en deze 6×3=18 afleveringen uit te zenden, zonder daarbij te hoge verwachtingen te hebben. Je kunt dan zelfs in discussie gaan met kijkers (op een forum) om te zien wat zij per concept leuk en minder leuk vinden. Een soort van collaboratieve manier van TV ontwikkelen. Het is leuk als er in zo’n experiment een format succesvol is, in plaats van dat ze eigenlijk allemaal succesvol moeten zijn. Ik denk dat het een vernieuwende vorm van TV creëert.

Omroepen dit dit willen proberen die weten me wel te vinden!

Innovatie staat tot Succesvol als Misschien staat tot Zeker

Innovatie is geen garantie voor succes. Sterker nog, in innovatie zit zowel proberen en experimenteren als  falen en succesvol zijn. Als je innoveert hou je er rekening mee dat sommige dingen niet lukken, en dus stel je je daar op in. Je portfolio van innovaties moet wel positief zijn, maar kan bestaan uit uiterst succesvolle producten, minder succesvolle producten en mislukkingen.

Daar zit nou de crux. Wat je ziet is dat, of het nou spelontwikkelaars, tv-makers of supermarkten zijn, er op dit moment over het algemeen weinig behoefte is aan het nemen van risico’s met innovaties. De recessie draagt in het algemeen niet bij aan het ontwikkelen van heel vernieuwende concepten (er zijn natuurlijk uitzonderingen hierop). Als je moet kiezen tussen een idee  kopiëren dat bij een concurrent aanslaat of iets nieuws proberen te ontwikkelen waarvan je de marktbehoefte minder zeker weet, dan is kiezen voor de kopie minder risiscovol.

Dat is trouwens ook wel begrijpelijk. Als ik een gok waag heb ik ook liever goede papieren. Maar daarnaast is er zeker iets voor te zeggen om bij innovatie niet dat te maken wat de concurrent ook al heeft met wat kleine veranderingen, maar om echt te kijken of je iets vernieuwends kunt maken. Daar is meer werk, creativiteit en inspanning voor nodig dan voor de slaafse kopie. Innovatie en originaliteit is zeker geen contradictio in terminis. Innovaties zoals Mirrors Edge, Google Wave, de Wii en Microsofts Project Natal zijn daadwerkelijk innovatief.

Iedere innovator heeft de keus: ga ik slaafs kopiëren of inspirerend innoveren?